---
schema_version: "1"
id: b5f1194f077deba170ad38378f67a9541109b441c222c68d413b8bef51c8b273
title: gatewaySettings-entiteit
collection: tableau
version: current
locale: nl-nl
portal_url: https://docs.salesforce.com/tableau/current/nl-nl/server-linux/entity_gateway.md
canonical_url: https://help.tableau.com/current/server-linux/nl-nl/entity_gateway.htm
source_site: help.tableau.com
content_type: documentation
content_hash: bb06bc9a86d6f3a00f563cfd142856153b6d8bd7a213ea191dcb9043711c5bb2
description: Reference for the gatewaySettings entity to configure the Tableau Server gateway via JSON.
---
[Doorgaan naar hoofdinhoud](#main-content)

# gatewaySettings-entiteit

U moet de gateway-instellingen voor de Tableau Server-computer configureren.

Gebruik de onderstaande configuratiebestandsjabloon om een json-bestand te maken. Nadat u de opties met de juiste waarden hebt ingevuld, geeft u het json-bestand door en past u de instellingen toe met de volgende opdrachten:

`tsm settings import -f /path/to/file.json`

`tsm pending-changes apply`

Als voor de in behandeling zijnde wijzigingen de server opnieuw moet worden opgestart, geeft de opdracht `pending-changes apply` een prompt weer om u te laten weten dat de server opnieuw wordt gestart. Deze prompt verschijnt ook als de server is gestopt, maar in dat geval vindt er geen herstart plaats. U kunt de prompt onderdrukken met de optie `--ignore-prompt`, maar dit verandert niets aan het herstartgedrag. Als opnieuw opstarten niet nodig is voor de wijzigingen, worden de wijzigingen zonder waarschuwing van een prompt toegepast. Zie [tsm pending-changes apply](https://help.tableau.com/current/server-linux/nl-nl/cli_pending-changes.htm#pending-changes-apply) voor meer informatie.

### Gateway-instellingen

De gateway-instellingen in de onderstaande sjabloon specificeren de HTTP-instellingen voor Tableau Server. Wij raden aan SSL/TLS te gebruiken. Tableau Server is hard gecodeerd om poort 443 te gebruiken voor SSL/TLS. Als u SSL inschakelt, hoeft u de gatewaySettings-entiteit dus niet bij te werken.

### Configuratiesjabloon

Gebruik deze sjabloon om de gateway-instellingen te configureren.

**Belangrijk:** Alle entiteitsopties zijn hoofdlettergevoelig.

Zie [Voorbeeld van configuratiebestand](https://help.tableau.com/current/server-linux/nl-nl/config_file_example.htm) voor meer uitleg over configuratiebestanden, entiteiten en sleutels.

{
  "configEntities": {
	 "gatewaySettings": {
	  "\_type": "gatewaySettingsType",
	   "port": 80,
	   "sslRedirectEnabled": true,
	   "publicHost": "localhost"
	 }
	}			
 }

### Referentie configuratiebestand

Deze tabel bevat alle opties die bij de ingestelde `"gatewaySettings"`\-entiteit kunnen worden opgenomen.

\_type

Vereist.

Waarde: `"gatewaySettingsType"`

Niet wijzigen.

port

Specificeert de HTTP-poort. Standaardpoort is 80

sslRedirectEnabled

Opties: `true` or `false`.

publicHost

Specificeert de hostnaam voor de http/s-service.

trustedIPs

Specificeert vertrouwde IP-adressen die communiceren met Tableau Server. Vertrouwde IP-adressen omvatten upstream-proxyservers en servers die worden gebruikt voor vertrouwde verificatie met Tableau Server. Zie [Proxy's en loadbalancers configureren voor Tableau Server](https://help.tableau.com/current/server-linux/nl-nl/proxy.htm) en [Vertrouwde IP-adressen of hostnamen toevoegen aan Tableau Server](https://help.tableau.com/current/server-linux/nl-nl/trusted_auth_trustIP.htm).

Als u Tableau Server in een cluster uitvoert, worden alle overige knooppunten van het cluster automatisch opgenomen in het bijbehorende configuratiebestand dat door deze entiteit wordt bijgewerkt. Als u dus een nieuwe waarde opgeeft voor `trustedIPs`, dan moet u de IP-adressen van de overige knooppunten in de waarde opnemen.

Deze optie gebruikt een lijst met tekenreeksen. Hiervoor moet u elk IP-adres of elke host tussen aanhalingstekens plaatsen, gescheiden door een komma (geen spatie) en tussen haakjes. Bijvoorbeeld: `["192.168.1.101","192.168.1.102","192.168.1.103"]` of `["webserv1","webserv2","webserv3"]`.

trustedHosts

Specificeert vertrouwde IP-adressen die communiceren met Tableau Server. Normaal gesproken bevat deze waarde een lijst met upstream-proxyservers. De waarden in trustedHosts worden gebruikt om de doelen van clientverzoeken te bepalen.

Als u Tableau Server in een cluster uitvoert, worden alle overige knooppunten van het cluster automatisch opgenomen in het bijbehorende configuratiebestand dat door deze entiteit wordt bijgewerkt. Als u dus een nieuwe waarde opgeeft voor `trustedIPs`, dan moet u de IP-adressen van de overige knooppunten in de waarde opnemen.

Deze optie gebruikt een lijst met tekenreeksen. Hiervoor moet u elk IP-adres of elke host tussen aanhalingstekens plaatsen, gescheiden door een komma (geen spatie) en tussen haakjes. Bijvoorbeeld: `["192.168.1.101","192.168.1.102","192.168.1.103"]` of `["webserv1","webserv2","webserv3"]`.